Home > groen, ontheroad > Waarom zijn al onze stadscentra eigenlijk nog geen zone 30?

Waarom zijn al onze stadscentra eigenlijk nog geen zone 30?

August 10th, 2010


De Brusselse binnenstad wordt binnenkort helemaal (op de Anspachlaan en haar verlengden na) zone 30. Goed nieuws voor voetgangers en fietsers. In haar brochure ‘Zone 30 Voor meer veiligheid en verkeersleefbaarheid in de bebouwde kom’ haalt het BIVV enkele studies aan waarbij het aantal letselongevallen na invoering daalde met 20% tot 45%. Hoe meer controle op naleving van de zone 30, hoe groter de daling van het aantal ongevallen.

In Turnhout stelde de politie vorig jaar iets meer dan 200 verkeersongevallen met gewonden vast. Invoering van zone 30 binnen de ring zou, indien goed ingevoerd en grondig opgevolgd, kunnen betekenen dat jaarlijks een vijftig à honderdtal Turnhoutenaren niét in het verkeer geslachtofferd worden. Twee verkeersgewonden per week minder, dat lijkt me wel de moeite.

Zeker omdat in de praktijk Turnhout al een zone 30 is. De route die Google Maps berekent voor een rit door de binnenstad van de Antwerpse Steenweg naar de Steenweg op Oosthoven (van Van Roey dwars door de stad naar de Bio Planet zeg maar) is 4,3 kilometer lang. Google Maps schat dat je met de auto die afstand in 10 minuten aflegt, of gemiddeld tegen een kleine 26 km/u.

Verzekeraar AXA publiceerde onlangs op YouTube een filmpje met crash-testresultaten: bijna negen op tien voetgangers die het slachtoffer worden van een verkeersongeval, worden aangereden in een stadsomgeving. “In onze crashtest werd een voetganger aangereden door een wagen die 30 km/u reed. In een tweede fase wordt de voetganger in dezelfde omstandigheden aangereden door een wagen die 60 km/u rijdt. Hoewel de voetganger in het eerste geval 8 m van de wagen wordt weggeslingerd, zal een gezonde volwassene een dergelijk ongeval waarschijnlijk overleven, ondanks de verwondingen. In het tweede geval wordt de voetganger bijna 30 m weggeslingerd van de plaats van het ongeval en is de kans op overleven zeer beperkt.

Ongevallen waarbij voetgangers betrokken zijn, doen zich vaak voor omdat de voetgangers minder goed zichtbaar zijn, vooral in de schemering, bij slecht weer of ‘s nachts. Het is dus erg belangrijk dat voetgangers zo goed mogelijk opvallen, onder meer door lichtgekleurde en reflecterende kleding te dragen in het schemerduister. We moeten echter ook de inrichting van de wegen verbeteren door meer vluchtheuvels aan te leggen voor voetgangers en de automobilisten te dwingen hun snelheid te verminderen in de buurt van oversteekplaatsen voor voetgangers.”

Het is opmerkelijk dat in het rijtje oplossing dat AXA bedacht om die verkeersongevallen tegen te gaan, éérst naar de voetganger wordt gekeken. Die moet zich uitdossen als een kerstboom, opdat de automobilist hem toch maar zou zien. Als tweede oplossing suggereert AXA om de verkeersinfrastructuur aan te passen middels vluchtheuvels, oversteekplaatsen etc… De automobilist, daar valt blijkbaar niet veel heil van te verwachten, die moet immers gedwongen worden (zo staat het er letterlijk) om zijn snelheid te verminderen.

Het is een fraai staaltje van het voorruitperspectief zoals Kris Peeters dat in zijn boeken (leestip: het dit jaar verschenen ‘De File Voorbij’, uitgeverij Vrijdag) beschrijft. Je zou ook kunnen beginnen bij de automobilist en die streng controleren en streng straffen bij onaangepast, asociaal rijgedrag. Je zou alleen auto’s op de weg kunnen toelaten die niet alleen oog hebben voor de veiligheid van de inzittenden (meestal: inzittende), maar ook voor de voetgangers en fietsers die op de weg onzacht in aanraking kunnen komen met de auto. Waarom lijkt dit eigenlijk een naïeve gedachte?

Share

groen, ontheroad

  1. No comments yet.
  1. No trackbacks yet.